Asset Circles

Onderhoud en installatieprestatie

Hoe u van reactief naar gepland onderhoud komt: conditiegericht en voorspellend onderhoud, de normen daarachter, en waarom inregeling zoveel oplevert.

Onderhoud aan gebouwinstallaties gebeurt in Nederland grotendeels op basis van tijd en van meldingen: een vast schema plus wat er stukgaat. Conditiegericht en voorspellend onderhoud vervangen dat schema door de werkelijke toestand van de installatie, vastgesteld met meetgegevens. De normen daarvoor bestaan al: NEN 2767-2 voor conditiemeting van installaties, ISO 13374 en ISO 17359 voor de weg van meetwaarde naar onderhoudsbeslissing. De grootste winst zit vaak niet in vervangen maar in inregelen: installaties die technisch in orde zijn maar verkeerd zijn afgesteld, verbruiken structureel meer en gaan korter mee.

  • Conditiegericht onderhoud stuurt op de gemeten toestand, voorspellend onderhoud op de verwachte ontwikkeling daarvan
  • NEN 2767-2 is in 2025 herzien en sluit beter aan op continue meetgegevens
  • ISO 13374 en ISO 17359 beschrijven de stappen van meetwaarde naar advies, wat de meeste organisaties overslaan
  • NEN 3140 is zelf niet wettelijk verplicht; het periodiek keuren van elektrische installaties is dat wel
  • Een prestatiecontract zonder eigen meetdata is een contract waarin de leverancier zijn eigen prestatie beoordeelt

Er is over dit onderwerp geen gebrek aan normen. Er is gebrek aan de tussenstap. Vrijwel elke organisatie heeft ergens meetgegevens staan, en vrijwel elke organisatie heeft een onderhoudspartij met een plan. Wat ontbreekt is de vertaling van het een naar het ander: van wat de installatie doet naar wat er in het onderhoudsplan zou moeten veranderen.

Dat is geen technisch probleem maar een organisatorisch probleem. De partij die de gegevens heeft, is meestal niet de partij die het onderhoudsplan opstelt, en de partij die het plan opstelt heeft er geen belang bij om er minder werk in te zetten. Zolang die twee niet los van elkaar staan, blijft het onderhoudsplan een aanname.

Inregeling is daarvan het duidelijkste voorbeeld. Al in onderzoek uit 2005 bleek dat een aanzienlijk deel van de Nederlandse utiliteitsinstallaties niet goed is ingeregeld, en dat beeld is sindsdien niet wezenlijk veranderd. Het gaat om installaties die het doen, waar niemand over klaagt, en die desondanks structureel te veel verbruiken. Zonder meting valt dat niet op, want er is niets kapot.

De artikelen in dit thema 7 vragen

  1. Conditiegericht of voorspellend onderhoud: wat is het verschil eigenlijk?Conditiegericht onderhoud grijpt in op basis van de gemeten toestand van een installatie nu.
  2. Van sensor naar advies in zes stappenEr bestaat een internationale norm die precies beschrijft hoe je van meetdata naar een onderhoudsadvies komt: ISO 13374.
  3. Het laatste Nederlandse onderzoek naar de inregeling van installaties is uit 2005Het enige kwantitatieve Nederlandse onderzoek naar de kwaliteit van gebouwinstallaties dateert van april 2005.
  4. Warmtepomp in de utiliteit: 26 procent verschil tussen goed en slecht ingeregeldRecent onderzoek laat een prestatiekloof zien tussen goed en slecht ingeregelde warmtepompen van ongeveer 26 procent van de stookkosten, met seizoensrendementen van 2,8 tegenover 3,9.
  5. NEN 2767-2 is herzien: wat betekent dat voor uw bestaande conditiedata?Op 1 december 2025 verscheen NEN 2767-2:2025, met een volledig herziene gebrekenlijst van 158 pagina's die de versie uit 2008 vervangt.
  6. Is NEN 3140 verplicht?Nee.
  7. Een prestatiecontract zonder meetdata is een lege hulsDe markt beweegt van inspanningsgericht naar prestatiegericht onderhoud: u koopt geen onderhoudsbeurten meer in maar een resultaat.

Bronnen

  1. ISO 17359:2018, Condition monitoring and diagnostics of machines, general guidelines
  2. ISO 13374, Condition monitoring and diagnostics of machine systems, data processing, communication and presentation
  3. NEN 2767-2:2025, Conditiemeting gebouwde omgeving, gebrekenlijsten
  4. TNO en Halmos, Kwaliteitsborging van installaties, in opdracht van RVO, 28 april 2005
  5. Arbobesluit, artikel 7.4a keuringen
Hoe wij hierbij helpen

Wilt u weten of uw onderhoudsplan aansluit op wat uw installaties werkelijk doen? Wij leggen uw meetgegevens naast het plan en laten zien waar de twee uit elkaar lopen. Plan een gesprek.

Staat uw vraag er niet bij?

Stel hem gerust. We zoeken het uit en schrijven het antwoord op.

Neem contact op →Of bel direct: +31 88 410 2600