Asset Circles

Meten, vergelijken en data

Hoe u energiegegevens zo vastlegt dat vergelijken zin heeft: de keuze tussen BVO en GO, Paris Proof, WEii in de zorg, en de eisen aan uw dataleverancier.

Zodra u het energiegebruik van een gebouw met dat van een ander gebouw of met een norm wilt vergelijken, gaat het mis op de noemer. Verbruik per vierkante meter zegt niets zolang niet vaststaat welke vierkante meters worden meegeteld: bruto vloeroppervlak of gebruiksoppervlak, twee begrippen uit NEN 2580 die tientallen procenten kunnen schelen. Dezelfde vraag speelt bij de bekende referentiewaarden: de Paris Proof-norm en de WEii-systematiek in de zorg gaan uit van een bepaalde definitie, en wie een andere hanteert vergelijkt met iets anders dan hij denkt. Wie die gegevens door een externe partij laat verwerken, krijgt er bovendien eisen bij op het gebied van informatiebeveiliging.

  • BVO en GO zijn beide gedefinieerd in NEN 2580 en leveren verschillende uitkomsten op; welke u gebruikt bepaalt de uitkomst van elke benchmark
  • Paris Proof drukt de doelstelling uit in kilowattuur per vierkante meter per jaar, met een vaste definitie van die vierkante meter
  • WEii is de systematiek waarmee zorginstellingen hun gebouwgebonden energiegebruik uitdrukken
  • Zorginstellingen die gegevens uitbesteden hebben te maken met NEN 7510, en met NIS2 komt daar een keten- en leveranciersverplichting bij
  • Een vergelijking zonder vastgelegde definitie is geen vergelijking maar een indruk

Meten is in dit veld het makkelijke deel. Vrijwel elk gebouw levert tegenwoordig verbruiksgegevens, via de meter, de installatie of de energieleverancier. Het moeilijke deel begint zodra u er een oordeel aan wilt verbinden, want dan moet vaststaan waarmee u vergelijkt en op welke basis.

Dat klinkt als een detail voor specialisten, maar het bepaalt de uitkomst. Hetzelfde gebouw kan boven of onder een norm uitkomen, afhankelijk van welk oppervlaktebegrip de rekenaar heeft gebruikt. Wie dat niet vastlegt, houdt geen benchmark over maar een getal waarover discussie mogelijk blijft, en juist die discussie is wat u met een benchmark wilde beeindigen.

Daar komt bij dat het verwerken van deze gegevens niet vrijblijvend is. Zeker in de zorg gelden eisen aan de partij die de gegevens verwerkt, en die eisen worden met de invoering van NIS2 uitgebreid naar de keten. Wie zijn energiedata ergens onderbrengt, doet er goed aan te weten waar dat ergens aan moet voldoen.

De artikelen in dit thema 4 vragen

  1. BVO of GO: waarom uw kWh per vierkante meter niet klopt met het energielabelNEN 2580 onderscheidt bruto vloeroppervlak, gebruiksoppervlakte en verhuurbaar vloeroppervlak, en die verschillen onderling al gauw tien tot twintig procent.
  2. Kantoren verbruiken 123 kWh per vierkante meter, Paris Proof vraagt er 70Het gemiddelde werkelijke verbruik van deelnemende kantoren ligt op ongeveer 123 kilowattuur per vierkante meter per jaar, terwijl de Paris Proof-norm voor kantoren rond de 70 ligt.
  3. Driekwart van de zorginstellingen stuurt op werkelijk verbruik, met een Excel-bestandOngeveer 75 procent van de zorginstellingen gebruikt WEii om op werkelijk energieverbruik te sturen, via de Excel-tool van het Expertisecentrum Verduurzaming Zorg.
  4. Moet mijn softwareleverancier NEN 7510 hebben?Dat hangt af van welke gegevens de leverancier verwerkt.

Bronnen

  1. WEii, verkenning toepassing binnen sectoren en initiatieven, juni 2025
  2. NEN 2580:2007/C1:2008, Oppervlakten en inhouden van gebouwen
  3. DGBC, tussenstand op weg naar Paris Proof
  4. NEN, informatiebeveiliging in de zorg
  5. NCSC, Cyberbeveiligingswet (NIS2)
Hoe wij hierbij helpen

Wilt u dat uw gebouwen op een vaste basis worden vergeleken, met een definitie die vastligt en die u kunt overleggen? Dat is waar wij mee beginnen. Plan een gesprek.

Staat uw vraag er niet bij?

Stel hem gerust. We zoeken het uit en schrijven het antwoord op.

Neem contact op →Of bel direct: +31 88 410 2600