Asset Circles

De helft van de jonge monteurs is binnen een jaar weer weg

De installatiebranche heeft de komende vijf jaar 121.000 nieuwe mensen nodig tegenover 118.000 vertrekkers. Zeventig procent van de instroom moet uit zij-instroom komen, en bijna de helft van de werknemers onder de 25 verlaat de sector binnen een jaar. Het tekort is dus geen opleidingsprobleem dat met meer leerlingen op te lossen is. Voor gebouweigenaren betekent dat langere wachttijden en de noodzaak om de uren die er zijn gerichter in te zetten.

  • 121.000 nieuwe mensen nodig tot 2029, tegenover 118.000 vertrekkers
  • Bijna de helft van de werknemers onder de 25 vertrekt binnen een jaar
  • 70 procent van de instroom moet uit zij-instroom komen
  • Utiliteitsbouw krimpt in 2026 met 2,4 procent terwijl infra met 13 procent groeit

Door Merlijn Köhler Gepubliceerd 5 augustus 2026 Laatst gecontroleerd 5 augustus 2026

Het tekort aan installatiemonteurs wordt meestal gepresenteerd als een probleem van de installateur. Voor gebouweigenaren is het net zo goed een probleem, en het is er een die niet vanzelf overgaat.

De cijfers

Bijna de helft

van de werknemers onder de 25 jaar verlaat de installatiebranche binnen een jaar na indiensttreding

Bron: Wij Techniek, arbeidsmarktprognose 2025-2029

Wij Techniek rekende de komende vijf jaar door. Er zijn 121.000 nieuwe medewerkers nodig, terwijl er 118.000 vertrekken. Netto groeit de sector dus nauwelijks; het is vrijwel volledig vervangingsvraag. Zonder aanhoudende werving loopt het tekort op tot meer dan vijftienduizend vakmensen in 2029.

Zeventig procent van de instroom moet uit zij-instroom komen, en slechts dertig procent uit het onderwijs. En dan is er dat cijfer over jonge medewerkers, dat verklaart waarom meer opleiden het probleem niet oplost.

Waarom dit gebouwen harder raakt dan andere sectoren

Techniek Nederland verwacht dat de utiliteitsbouw in 2026 met 2,4 procent krimpt en in 2027 met 1,2 procent, terwijl infrastructuur met dertien procent groeit en woningbouw ook aantrekt.

Monteurs bewegen mee met waar het werk is. Dat betekent dat de capaciteit die voor gebouwonderhoud beschikbaar is niet alleen krimpt door het algemene tekort, maar ook doordat de sector zelf verschuift.

Daar komt bij dat installaties inmiddels gemiddeld 42,8 procent van de totale bouwkosten van een utiliteitsgebouw uitmaken, tegen 19,5 procent bij woningbouw. Er zit dus steeds meer techniek in gebouwen, onderhouden door steeds minder mensen.

De conclusie van Techniek Nederland zelf is veelzeggend: niet de vraag maar de beschikbare uitvoeringscapaciteit bepaalt steeds vaker of een project doorgaat.

Wat dit voor u betekent

Langere wachttijden bij storingen. Een spoedstoring wordt duurder en duurt langer, simpelweg omdat er minder mensen zijn.

Onderhoudscontracten worden schaarser en duurder. Installateurs kunnen kiezen. Klanten waar het werk voorspelbaar en efficiënt is, worden aantrekkelijker dan klanten waar de monteur onvoorbereid moet uitrukken.

Kennis verdwijnt. Als bijna de helft van de jonge instroom binnen een jaar vertrekt, komt er steeds vaker iemand die uw gebouw niet kent. De kennis die vroeger bij de vaste monteur zat, moet ergens anders vandaan komen.

Wat u eraan kunt doen

Er is geen oplossing voor het tekort, maar er is wel iets te doen aan hoeveel uren u nodig heeft en hoe die worden besteed.

Zorg dat een monteur voorbereid komt. Weten welke installatie het betreft, welk merk, welk type, wat er eerder aan gedaan is en wat de meting laat zien, scheelt een bezoek dat alleen dient om vast te stellen wat er aan de hand is.

Voorkom bezoeken die niets opleveren. Een aanzienlijk deel van de preventieve rondes bestaat uit controleren of iets nog goed staat. Als u dat continu meet, hoeft de monteur alleen te komen wanneer er werkelijk iets is.

Plan in plaats van reageer. Een storing die u ziet aankomen kunt u inplannen bij een ronde die er toch al was. Een storing die u overkomt, kost een aparte rit tegen een spoedtarief.

Leg de kennis vast buiten de persoon. Als de installatiegegevens, de historie en de instellingen in een systeem staan in plaats van in het hoofd van één monteur, is een wisseling minder ingrijpend.

Een eerlijke kanttekening

Er zijn geen harde Nederlandse cijfers over hoeveel de wachttijden voor onderhoud zijn opgelopen of hoeveel de tarieven zijn gestegen. Dat verband wordt overal gelegd en nergens gemeten. Wat wel hard is, zijn de aantallen hierboven en de verschuiving van gebouwen naar infra. De rest is redenering, en dat hoort u erbij te horen.

Hoe wij hierbij helpen

Asset Circles zorgt dat een monteur weet wat er aan de hand is voordat hij komt, en dat hij alleen komt wanneer het nodig is. Dat is geen bezuiniging op onderhoud maar een betere besteding van de uren die beschikbaar zijn. Wilt u weten wat dat in uw situatie oplevert, neem dan contact op. Plan een gesprek.

Bronnen

  1. Wij Techniek, arbeidsmarktprognose 2025-2029
  2. Techniek Nederland, installatiebranche groeit weer maar loopt vast op capaciteit
  3. UWV, spanningsindicator arbeidsmarkt

Wilt u dit voor uw eigen gebouwen weten?

We kijken graag met u mee naar wat uw installatiedata laat zien.

Plan een gesprek →Of bel direct: +31 88 410 2600